Het is voor zover bekend het hardste materiaal dat in de natuur voorkomt; het is dan ook het ijkpunt voor hardheid 10 op de hardheidsschaal van Mohs. Diamant ontleent zijn naam aan het Griekse adamas, "ontembaar" of "onoverwinnelijk", verwijzend naar zijn hardheid. Diamant is een transparant kristal met een brekingsindex van 2,417. In juwelen wordt zo het (zon)licht mooi gebroken en weerkaatst.

Tot de 18de eeuw werden diamanten alleen in India gewonnen; hier komen ook de meest bekendste historische stenen vandaan. Pas in 1714 werden in Brazilië en later ook in Zuid-Afrika diamanten ontdekt.Er zijn talrijke legenden verbonden met diamanten en er worden hun ook magische krachten toegeschreven. Diamanten waren het symbool van rijkdom en ze vormen een onderdeel van bijna alle kroonjuwelen, schatkamers en museale collecties. Diamant wordt o.a. gevonden aan de kust van Namibië en in het aansluitende kustgebied van Zuid-Afrika. In die gebieden komt diamant voor in een zandlaag enige meters onder de oppervlakte. Een deel van de diamant spoelt ook wel de Atlantische Oceaan in en wordt daar door diamantvissers gewonnen. De belangrijkste centra voor verhandeling van diamant zijn Londen en Antwerpen (80% van alle ruwe diamanten gaat langs Antwerpen). De diamantindustrie in Amsterdam is totaal verdwenen. Amsterdam diamantstad wordt tegenwoordig alleen nog t.b.v. het toerisme in stand gehouden De Cullinan is de grootste ongeslepen diamant die tot nu toe is gevonden: 3.106 karaat. De Cullinan werd gekloofd en geslepen en het grootste stuk, de Cullinan 1 (530,20 karaat) was na het slijpen ongeveer een eeuw lang de grootste geslepen diamant. De grootste geslepen diamant is nu echter de Golden Jubilee (545,67 karaat) die sinds 1997 in het bezit is van de Thaise koning, die hem ontving naar aanleiding van zijn 50-jarige kroningsjubileum. Ruwe diamanten worden bewerkt om hun schoonheid tot een hoogtepunt te voeren. Na de bewerking blijft een steen over met een uitzonderlijke schittering en kleurenspel die op verschillende criteria worden beoordeeld om tot een prijs te komen. De criteria zijn de 4 "C"'s en houden in:

Slijpvorm (Cut)
Hieronder wordt verstaan het maaksel van de steen. De vorm waarin de steen geslepen wordt is een onderdeel hiervan. Het maaksel heeft betrekking op de kwaliteit van het slijpen en de verhoudingen van de slijpvorm. De essentie ligt in de juiste "Verhoudingen" en de "Verfijning" van de geslepen steen. Onder de verhoudingen verstaan we de hoogte van de kroon, de kroonhoek, de diepte van de paviljoenzijde, de tafelspiegeling, de verhouding van de rondist t.o.v. de totale diepte van de steen.

Onder de verfijning verstaan we de precieze afwerking van het totale maaksel. Hoe regelmatig is de rondist, is de kollet zwaar of licht, zijn er symmetrieverschillen tussen kroon en paviljoenzijde, sluiten de facetten recht op elkaar aan, ligt de kollet exact in het midden of ligt de tafel decentraal? Al deze zaken zijn direct van invloed op het spel van het licht in de steen. Het maaksel is mensenwerk in tegenstelling tot de zuiverheid, kleur en ten dele het gewicht. Ze is dan ook een grote prijsbepalende factor in de vier "C"'s, immers, een steen met een mooi rond gewicht, loepzuiver en de hoogste kleur in een briljante slijpvorm lijkt een topsteen. Echter, als de steen te diep geslepen is (spijker) of te ondiep (visoog) dan is het lichtspel in de steen dood en heeft de steen een geringere waarde.

Kortom, het maaksel is van groot belang omdat het uiteindelijk het belangrijkste in de steen tot uiting laat komen: de schittering en het kleurenspel in volle glorie.

Gewicht (Carat)
Het gewicht van edelstenen wordt uitgedrukt in karaat (1 karaat = 0,2 gram). Het karaat wordt onderverdeeld in 100 punten en wordt altijd in twee decimalen uitgedrukt bv. 0,24 karaat of 24 punt. Het gewicht wordt bepaald met een weegschaal.

Zuiverheid (Clarity)
Een diamant kan zowel in- als uitwendig kenmerken vertonen. De inwendige bestaan veelal uit resten koolstof die niet geheel uitgekristalliseerd zijn. Of gletsen (inwendige scheuren). Ze komen in allerlei vormen voor maar ook in diverse gradaties van intensiteit. Groeilijnen die de opbouw van de ruwe steen laten zien. Ook zijn er uitwendige kenmerken zoals "Baard" die overblijft wanneer de steen te hard gesneden is. Ook kan er "Nijf" achterblijven wanneer de steen zuinig gesneden is. Beide kenmerken zijn op de rondist te zien. Al deze kenmerken bepalen de zuiverheid van de steen die in verschillende categorieën wordt ingedeeld: Flawless, VVS, VS, SI, Piqué. De beoordeling hiervan gebeurt door het geoefende oog van de diamantair of in laboratoria met de microscoop.

Kleur (Colour)
Kleur is altijd subjectief. Hoe witter de kleur hoe hoger de prijs. De kleur wordt bepaald aan de hand van een set zogenaamde "masterstones". Dit is een door verschillende vooraanstaande diamantairs beoordeelde set stenen met verschillende kleuren in de hoogste graden, die als een standaard wordt beschouwd. De beoordeling gebeurt meestal visueel ("op het oog"). Tegenwoordig zijn er ook elektronische beoordelingen mogelijk.